Maar dat gaat zomaar niet! De fietsen blijken aan een ketting te liggen waar het hotel niks van af weet. De fietsvervoerder in Brabant gelukkig wel, die geeft ons de code van het cijferslot. De banden zijn slap en de ventielen gaan eerst niet goed meer dicht maar uiteindelijk vertrekken we om 10 uur uit Sevilla.
De onmiddellijke omgeving van de stad is kurkdroog, een landschap waar de zon al maanden op heeft staan branden. Je ziet geen groen en je hoort geen vogel. In de beschrijving van de Ruta Iberica van Benjaminse, die we voorlopig volgen, kunnen we voor bepaalde stukken kiezen tussen een verharde of onverharde variant. We kiezen in eerste instantie voor de onverharde weg. Valt niet mee: grind waarover je weg kunt glijden, vooral in de afdalingen, en heel veel stof. Daarom blijven we het tweede deel van de etappe op het asfalt.
Na 25 km. komen we langs de archeologische site van Italica. Als EU-burgers mogen we gratis binnen. Fijne geste van de EU, dat maakt haar houding bij het volledig aan de kant zetten van de democratie in Catalonië een stuk draaglijker. Bij de ingang van de site ontmoeten we een Vlaamse fietser die in twee weken vanuit Santiago is komen fietsen. “120 tot 140 km per dag “. OK, dat gaan wij dus echt niet doen. We zijn gekatapulteerd naar hartje zomer! Soms moeten we naar de enige boom in de wijde omtrek om in de schaduw daarvan even bij te komen. De hitte brandt en we doen voorlopig heel rustig aan…


