Als we ‘s morgens vanuit het badkamerraam van ons apartman naar buiten kijken vliegen de zwaluwen langs het raam. Maar vliegen ze nu hoog of laag? Moeilijk in te schatten.

Na een eigen ontbijtje sjezen we de berg af en verder naar beneden naar Livade voor koffie. Die hebben we nodig want dan begint de grote klim het dal uit naar Oprtalj.

De klim is niet heel steil, maar duurt wel lang. Acht haarspeldbochten met flinke stukken rechte klim ertussen. Eenmaal boven worden we beloond met een mooie terugblik op Movotun. Wat is dit deel van Istrië toch prachtig!


Het plaatsje Oprtalj op de top wordt helemaal opgeknapt, waarschijnlijk voor het toerisme. We eten er een klein pizzaatje en wachten een eerste bui af.

Ook verderop is het niet aldoor droog, maar echt veel regen er tijdens deze etappe toch niet.


In de loop van de middag bereiken we de Slowaakse grens. Vanaf hier is er een goed berijdbaar, autovrij fietspad naar de kust: de Parenzana. Een voormalige spoorlijn van Triëst naar Porec (in het Italiaans Parenzo).



Piran is een prachtige mediterrane stad, ook een oud Venetiaans steunpunt. De componist Giuseppe Tartini komt er vandaan, zijn standbeeld staat op dit naar hem genoemde plein. Een mooie etappeplaats.