Een dagje uitrusten aan de kust was wel lekker, maar het heeft de opgestapelde vermoeidheid niet weggenomen. We besluiten de laatste etappe in Albanië in tweeën te knippen: twee halve fietsdagen kunnen we nog wel aan.

De kustweg vanaf Himara naar het zuiden is zonder meer prachtig. Soms fiets je hoog boven het water met mooie vergezichten, dan weer vlak langs zee. Betekent wel dat het voortdurend op en neer gaat: na elke zoevende afdaling volgt weer een, vaak lange en soms steile, beklimming.




Ook vandaag hebben we flink geklommen en gedaald. Wel voor het eerst deze vakantie onder een bewolkte hemel waar af en toe zelfs wat druppeltjes uit naar beneden kwamen.
Bij een koffiestop komt een Zwitserse fietser uit Lauterbrunnen bij ons zitten. Zo te zien een sterke kerel, op weg naar Athene. Hij klaagt over het toerisme in Lauterbrunnen, wij over dat in Amsterdam. En hij vertelt dat hij de Llogarapas zo zwaar vond dat hij 300 m onder de top een aanbod van een busje om z’n bagage naar boven te brengen, heeft geaccepteerd.

Aan het begin van de middag komen we aan in Sarandë. Een behoorlijk grote havenstad met voornamelijk betonnen hoogbouw, de laatste jaren uit de grond gestampt. In het restaurant waar we eten valt niet veel te kiezen: bijna alle gerechten zijn op want over twee dagen gaan ze dicht. Het seizoen is voorbij. De man die ons bedient is daar blij mee. Vier maanden toeristen bedienen is mentaal zwaar, zegt hij.

Hoe hard fietsen jullie zo’n 10% berg op met bepakking? Ik met mijn lichte carbon frame racefiets vind dat al pittig ?
heel rustig, wandeltempo!