Vanaf het heerlijke B&B Fortified Farm hoeven we niet helemaal terug naar waar we gisteren met de veerpont aankwamen. Er loopt een fijn weggetje rechtstreeks naar Knock; daar komen we weer op de route.

De Fisherman’s Hut, mooi gelegen aan de Shannon, is helaas nog dicht: de pubs gaan pas later op de middag open. De enige mensen die we zien zijn groepjes zondagsfietsers. Een daarvan brult, spontaan en allemaal tegelijk, aanmoedigingen in onze richting.


Het gaat vandaag wel erg op-en-neer. Talloze klimmetjes, korte en langere, soms steil. De aloude Ierse versregel ‘May the road rise to meet you’ krijgt zo wel een heel speciale betekenis. Een groot deel van de dag rijden we bovendien door vrijwel onbewoond gebied. Woest land, bossen soms, zelfs hoogveen: boglands. Hier en daar zou je er zó turven uit kunnen steken – wat helaas ook nog steeds gedaan wordt.

Twee enthousiaste Hollandse fietsmeiden, die de route van Benjaminse in de andere richting rijden, hebben ons in de boglands voorbereid op veel lange afdalingen tot de kust. Maar daar zitten ook nog duivelse hellingen tussen. Het wordt een lange, vermoeiende fietsdag. Maar als we eenmaal de toeristische kustplaats Lahinch bereikt hebben, stellen we tevreden vast: dit zouden we twee weken geleden niet gekund hebben. We zijn conditioneel flink vooruitgegaan.

Op de camping van Lahinch, boven de oceaankust, is er één grasstrook voor tentjes. Die ligt langs het oude muurtje van stapelstenen dat de camping scheidt van de kustweg. We zetten de tent zo dicht mogelijk tegen het muurtje. Dat breekt misschien de wind een beetje. Die wind jaagt aan één stuk door vanaf de Wild Atlantic over ons heen.

Jullie zijn echt sportief!