Ostuni wordt weer mooi als we het verlaten hebben en de continue stroom van door de Via Cattedrale omhoog sloffende toeristen uit het oog verdwenen is.

De etappe van vandaag, een korte van Ostuni naar Mesagne, voert door een vlak gebied met vooral olijfbomen. Kilometers lang alleen maar olijfbomen, achter lage muurtjes. Het lijkt misschien saai maar het is erg sfeervol. In het begin zoeken we telkens naar nóg oudere bomen: er zijn eeuwenoude exemplaren bij.

Er wordt eindelijk ook geoogst, op veel plaatsen liggen de netten er nog.

Maar er begint ons iets op te vallen. Veel bomen hebben bruine, dode bladeren. In steeds meer gevallen is de hele boom dood.

De Engelse fietsers die we gisteren ontmoet hebben hadden het erover. Zij kwamen uit het zuiden en hadden dit allemaal al gezien. Puglia is zwaar getroffen door de olijfbomenpest. Ruim tien jaar geleden is hier voor het eerst de aanwezigheid van de bacterie Xylella fastidiosa geconstateerd. Deze bacterie blokkeert de sapstroom in de boom zodat die langzaam sterft. De afgelopen tien jaar zijn zo al meer dan twintig miljoen olijfbomen in Puglia gestorven. Xylella kan op geen enkele manier bestreden worden. Aangetaste olijfbomen moeten gerooid en verbrand worden. Alles gaat eraan, ook de eerbiedwaardige eeuwenoude bomen.

De gevolgen voor Puglia zijn enorm. Het landschap wordt zwaar aangetast en veel mensen verliezen hun belangrijkste bron van inkomsten: tot voor kort kwam veertig procent van de geëxporteerde Italiaanse olijfolie uit Puglia.
Het is erg triest. Als je eenmaal weet wat hier aan de hand is, fiets je er niet meer zorgeloos fluitend doorheen. Ons goede humeur keert weer terug in Mesagne, waar we een uitstekend en toch goedkoop hotelletje vinden en ’s avonds door het centro storico lopen. Hier zie je nog opvallend weinig toeristen.
Wat erg van die bomen!
Het is een ramp. Dichter bij Lecce, waar de ziekte begonnen is, was het nog erger, compleet verwoest landschap. Zo wordt het overal in Puglia.