Een dag in Zadar blijven was wel een must. Het heeft een rijke geschiedenis die voor een groot deel Venetiaans van aard is.


Als we de tassen alle trappen van het appartement af gesjouwd hebben blijkt dat mijn toilettas nog boven staat. Even later mist Rienke haar bidons: nog boven. Dan nog koffie, pistache-croissant en vers sinasappelsap als ontbijt.

De eerste kilometers buiten de stad vlotten ook niet zo: opengebroken wegen, mooi maar lastig gravelpad langs de kust naar Zaton (of Zadom, dat staat er op een muur).


Op dat pad komen ons twee reisfietsers uit Gouda tegemoet die belangrijke informatie hebben: de veerboot van Pag naar Rab vaart alleen maandag, woensdag en vrijdag!
In Nin, met zijn beroemde zoutpannen, zijn we nog fit. De sfeer is hier heel anders dan in Zadar, het is meer een toeristenstadje voor de Kroaten zelf.


Hierna moeten we een tijdlang een drukke verkeersweg volgen, die naar het eiland Pag leidt. De automobilisten zijn niet per se agressief maar ze rijden vaak veel en veel te hard, soms is het net een circuit van de Formule 1.

En dan rijden we het eiland Pag op, over een vrij korte brug. Pag is woest. Het grootste deel van het eiland is indrukwekkend kaal en stenig, bijna een maanlandschap.



Het is een lange etappe geworden. In Povljana stoppen we, van daaruit is morgen Lun wel te halen (daar vertrekt de veerboot naar Rab).
Prachtige foto’s!
indrukwekkende reis: mooie natuur, veel geschiedenis en oorlog die van alle tijden blijkt….