De reis begint met een dag in Madrid. Ons hotel in hartje centrum heeft een mooi ontbijtterras op de vijfde verdieping.

We brengen het grootste deel van de dag door in het Prado, maar het Prado is veel te groot en heeft veel te veel voor één dag. We beperken ons hoofdzakelijk tot de Spaanse meesters Velasquez, Goya en El Greco. En ook natuurlijk Jeroen Bosch. Maar zijn grote werken hadden we 10 jaar geleden al gezien, toen er in Den Bosch en Madrid grote tentoonstellingen waren ter gelegenheid van zijn 500ste sterfjaar. En toen wij voor het eerst in Spanje gingen fietsen.

De treinreis van Madrid naar Salamanca van niet meer dan zo’n 200 km (en zonder fietsen!) leek ons niet zo ingewikkeld. Maar dat viel tegen. Op station Principe Pío bleken alle media distancia treinen van die dag vol. Met de metro half Madrid door naar station Chamartin. Daar hadden ze nog net twee kaartjes voor de sneltrein naar Valladolid en vandaar konden we mee met de media distancia naar Salamanca.


Onze uitvalsbasis voor een dagje Salamanca was een hotel recht tegenover de oude Romeinse brug naar het centrum van de stad. Dat was ook het hotel waar Camino fietstransport onze fietsen naartoe zou brengen. En warempel ze stonden er. Kunnen we morgen gaan fietsen!
Maar eerst nog een dagje Salamanca. Het is een schitterende stad, maar net als in het Prado is er veel te veel te zien voor één dag. O.a. alle kerken en kathedralen hebben we dit keer maar eens overgeslagen. Wel hebben we de gebouwen van de oude universiteit, die al in 1218 werd gesticht, uitgebreid bezocht.

