De bakoven in

Als we woensdagochtend Almadén uitrijden hopen we op een mooi dalende etappe. Maar de eerste 14 km is het toch weer meer klimmen dan dalen. Daarna gaat het lekker naar beneden richting het vlakke gedeelte van Andalusië dat door Benjaminse niet ten onrechte de bakoven genoemd wordt.

Uitzicht op de bakoven

We zien kurkeiken met hun kenmerkende rode stam (waar de kurk al vanaf is). Hier hebben we negen jaar gelden ook gefietst, de andere kant op. Maar er klopt iets niet: de gevoelswaarde is anders. De weg is breed en het voelt minder verlaten. We concluderen dat het komt omdat het smalle weggetje van toen is vervangen door een bredere asfaltweg. Ach ja, 9 jaar is ook een lange tijd.

Soms zijn stukjes van de oude weg nog te zien

Om half 1 rijden we Castilblanco de los Arroyos binnen (het is toch wel snel gegaan met al dat dalen). We hebben een hotel op het oog aan de andere kant van het dorp en dat blijkt warempel hetzelfde hotel te zijn waar we 9 jaar geleden aan het eind van onze eerste etappe vanuit Sevilla ook overnacht hebben.

Een prima plek waar we een kamer krijgen met een groot balkon. Hier blijven we een dag om uit te rusten en de was te doen.

Castilblanco blijkt leuk: witte huisjes, kleine steegjes. Daar hadden we 9 jaar geleden geen oog voor. Toen zijn we gelijk doorgefietst

Vandaag weer verder. In Burguillos hebben we de Via de la Plata verlaten en een haak geslagen richting Cordoba. Eerst nog wat boodschappen voor onderweg.

Thuis wil Joos altijd naar de Jumbo omdat hij daar alles weet te liggen, hier in Spanje is dat de Dia geworden

De A460 naar het oosten valt niet mee: het is een rotweg met veel verkeer. Ze rijden je niet dood, maar al dat geraas van auto’s en vrachtwagens is heel onrustig.

Deze vrachtwagen haalt ruim in

We stoppen regelmatig voor koffie en voor salade.

Van kroegje naar kroegje

De route komt door de vruchtbare vlakte Vega del Guadalquivir. Er wordt hier ook veel katoen verbouwd. Het is nu oogsttijd.

Onder één van de zeldzame bomen met schaduw rusten we uit op de rand van een waterput.

Het is heet, 32 graden.

Na Guadajoz wordt het op de weg eindelijk rustiger als we de kleinere SE9001 kunnen nemen. Er volgt een mooi stuk langs een bevloeiingskanaal. Het laatste stukje over de A452 is weer druk, maar dan zien we hotel restaurant El Alamo. Daar boeken we een kamer voor de nacht.

Geef een reactie